1. Home /
  2. Over ons /
  3. Nieuws /
  4. Bent u klaar voor MDR/DAC-6?

Bent u klaar voor MDR/DAC-6?

De afgelopen jaren heeft de EU gezocht naar nieuwe initiatieven om de fiscale transparantie binnen de Unie te vergroten. Naar aanleiding hiervan is in 2018 een regeling ingevoerd om agressieve grensoverschrijdende belastingconstructies te rapporteren, die als gevolg van mogelijke mazen in de wet hebben geleid tot belastingontwijking- of ontduiking. Deze Europese richtlijn ((EU)2018/822), bekend als de Mandatory Disclosure Rules (MDR) ook wel DAC-6 genoemd, geldt vanaf 1 juli 2020. Welke constructies moeten gemeld worden en wat zijn de meldingstermijnen? Dit artikel helpt u bij de voorbereiding.

27 feb 2020

Deel op  

Nederlandse wet
In december 2019 heeft de Eerste Kamer haar akkoord gegeven over de invoering van de richtlijn in de Nederlandse wet. Hierdoor zijn onder meer de Wet op de Internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (WIB) en de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) aangepast. De aanvullingen/ aanpassingen van beide wetten behelzen een uitbreiding van de verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen tussen de EU-lidstaten over grensoverschrijdende belastingconstructies. Het gaat hierbij om mogelijk agressieve fiscale planningsconstructies die zich over meer dan één rechtsgebied uitstrekken.

Voor wie is deze richtlijn bedoeld?
De meldingsplicht wordt primair opgelegd aan intermediairs. Daarmee wordt gedoeld op alle spelers in de EU die doorgaans betrokken zijn bij het bedenken, aanbieden, opzetten, beschikbaar maken voor implementatie of het beheren van de implementatie van zo’n belastingconstructie, evenals diegene die daarbij hulp, bijstand of advies verstrekken . Onder intermediairs wordt onder andere verstaan belastingadviseurs, advocaten, accountants, notarissen, financieel adviseurs, banken en trustkantoren. Dus, als u als intermediair betrokken bent bij een potentieel (agressieve) grensoverschrijdende fiscale constructie, dan moet deze door u gemeld worden.


Uitzonderingen
Er zijn op de meldingsplicht twee uitzonderingen waarbij zo’n constructie niet gemeld hoeft te worden, namelijk;

  1. Een andere intermediair heeft de constructie al gemeld en de intermediair heeft hiervan als bewijs het referentienummer, waaronder de constructie is gemeld, doorgegeven; of
  2. De intermediair kan zich beroepen op het wettelijk verschoningsrecht.

In sommige gevallen moet de belastingplichtige voor wie de constructie is bedoeld zelf melding doen. Dat doet zich voor in de volgende gevallen;

  • Een intermediair van buiten de EU is betrokken bij de constructie;
  • De intermediair beroept zich op zijn wettelijk verschoningsrecht en hoeft de constructie dus niet te melden;
  • Er is geen intermediair betrokken bij de constructie.

In het geval dat de intermediair zich beroept op het wettelijke verschoningsrecht dan dient deze intermediair wel de andere intermediair (in de keten) of de belastingplichtige zelf in kennis te stellen dat de rapportageplicht bij hen ligt.

Meldingstermijnen
De DAC-6 heeft een retrospectieve melding, dat wil zeggen dat tussen 1 juli 2020 en 31 augustus 2020 alle transacties van 25 juni 2018 tot en met 30 juni 2020 met een potentiele (agressieve) internationale fiscale constructie, waarbij u als intermediair betrokken bent, gemeld moeten worden. Dat betekent dat intermediairs al hun grensoverschrijdende constructies vanaf 25 juni 2018 zorgvuldig moeten nalopen om vast te stellen of deze één of meer van de wezenskenmerken bezitten (zie onderdeel “Welke fiscale constructies moet u melden?”).
En naar de toekomst toe (vanaf 1 juli 2020) worden intermediairs verplicht om binnen 30 dagen de bevoegde autoriteiten (de Nederlandse Belastingdienst) in te lichten en informatie te verstrekken over meldingsplichtige grensoverschrijdende constructies, waarvan zij kennis, bezit of controle hebben, te rekenen vanaf;

  • de dag nadat de meldingsplichtige constructie voor implementatie beschikbaar is gesteld;
  • de dag nadat de constructie gereed is voor implementatie; of
  • het ogenblik dat de eerste stap in de implementatie van de constructie is ondernomen.

Naast bovenstaande meldingstermijnen geldt er ook nog een aantal andere meldingstermijnen die gerelateerd is aan bijvoorbeeld wanneer intermediairs rechtstreeks of via andere personen, hulp, bijstand of advies hebben verstrekt.
Wat betreft het grensoverschrijdende aspect is onder meer van belang dat de constructie meer dan één EU lidstaat of een EU-lidstaat en een derde land betreft.


Welke fiscale constructies moet u melden?
In de richtlijn wordt onderscheid gemaakt tussen twee constructies:

  1. De zogenaamde marktklare constructie, dat is een grensoverschrijdende constructie die is bedacht of wordt aangeboden, implementeerbaar is of beschikbaar wordt gemaakt voor implementatie zonder dat er wezenlijke aanpassingen nodig zijn.
  2. Een constructie op maat. Dat is een constructie die op een belastingplichtige is toegespitst voordat deze kan worden geïmplementeerd.


Daarnaast zijn in de richtlijn in totaal vijf categorieën wezenskenmerken opgenomen (zogenaamde hallmarks), waarin concrete constructies zijn beschreven. Een wezenskenmerk is een eigenschap of kenmerk van een grensoverschrijdende constructie die geldt als indicatie van een mogelijk risico op belastingontwijking . Als sprake is van zo’n kenmerk dient de constructie gemeld te worden door de intermediair. De wezenskenmerken zijn nauwkeurig beschreven in de EU Richtlijn en de Nederlandse wetgever heeft in haar wetsvoorstel de exacte bewoording overgenomen.
Omdat de wezenskenmerken op Europees niveau zijn vastgesteld meent de Nederlandse Belastingdienst dat hieraan een nadelig effect kan kleven namelijk dat de wezenskenmerken op verschillende manieren uitgelegd kunnen worden. Daarom zal de belastingdienst, volgens haar informatie, binnenkort een leidraad met meer uitleg en voorbeelden beschikbaar stellen.


Heeft u nadere vragen over de MDR/DAC6? Neemt dan contact op met uw relatiebeheerder.